Interviews
17 januari 2024

Interview Germain Bourque: muzikale kameleon, verhalenverteller en circuscomponist

Interview

Montreal, Canada. Het ’thuis’ van componist en pianist Germain Bourque. Hier woont én werkt hij tegenwoordig. Vroeger was hij meestal het hele jaar onderweg. Een grote vleugel is het pronkstuk in zijn muziekkamer. Hij bespeelt het instrument dagelijks. Het hele huis vult zich dan met muziek.

Al schrijvend achter het klavier ontstonden de mooiste melodieën voor voorstellingen van circussen als Knie, Bouglione en Arlette Gruss en voor artiesten als Claudius Specht, Tom Dieck Junior en de Azzario Sisters. Een van zijn laatste meesterwerken is een eigen cd. Daarop een selectie van boeiende muzikale verhalen. Speciaal voor het circus geschreven, want daar is hij inmiddels aan verknocht.

Bourque: “Cirque du Soleil, backstage rond 1990. Deze ‘guy’ kwam bij ons op bezoek en mijn vriend Mario en ik wilden met hem op de foto”.

Germain Bourque, 66 jaar, is een geboren muziekauteur en altijd aan het schrijven. Als kind droomde hij van een carrière als componist van filmmuziek, met als grootste ambitie om in Hollywood te werken. Dat veranderde toen hij geheel toevallig een circus bezocht en gevraagd werd om er in het orkest te spelen. Dat circus, ‘Cirque du Soleil’, stond toen nog aan het begin van wat -pas een paar jaar later- een succesverhaal bleek te zijn. In 1989 en 1990 speelde Bourque er synthesizers en maakte zo deel uit van de eerste cast die Europa kennis liet maken met dit ‘nieuwe circus’ uit Canada. De start overzee was geen succes. Germain keerde noodgedwongen terug naar Montreal. Eenmaal thuis kwam er een aanvraag van de Zwitserse circusfamilie Knie. Bourque zou daar vervolgens van 1992 tot en met 1997 als componist en orkestleider werkzaam zijn. De familie Knie en hij werden goede vrienden.

Germain: “een foto die veel voor mij betekent. De allerlaatste show in Bellinzona, Zwitserland in november 1997. Vanaf dat moment stopte ik met toeren en concentreerde ik me op het componeren. Mijn vrouw Caroline (met de rug naar de camera), ik, Géraldine Knie en een kind van een van de artiesten.

Filmmuziek als belangrijkste inspiratiebron

“Het was nooit mijn doel lang in het circus te blijven, hooguit voor een korte periode. Maar hoe langer ik er werkte en hoe meer ik erbij betrokken was, hoe meer ik van de mensen en de sfeer van het circus begon te houden. Het circus werd mijn leven. Toch ben nooit gestopt met dromen over het componeren van filmmuziek, het is er alleen niet van gekomen”.

Filmmuziek blijft Germains grootste inspiratiebron. “Dat genre is een kunst op zich. Het is niet typisch hedendaags, maar ook niet klassiek.” De namen van Ennio Morricone (Once Upon a Time in the West ), John Williams (Harry Potter), James Horner (The Mask of Zorro) en Thomas Newman (Spectre) komen voorbij. Het werk van deze bekende schrijvers vormde de grootste inspiratiebron voor Bourques eigen composities: “Hun muziek zit in mij. Ik ben gevormd door al hun invloeden”.

Muzikale kameleon

Germain componeerde voor een ongekend aantal circusproducenten en artiesten. Hij kleurde altijd mee met de wensen van zijn opdrachtgever, maar zijn onmiskenbare stijl is altijd duidelijk te herkennen.

Bourque: “ik beschouw mijzelf als een kameleon. Ik wilde iedereen altijd dát geven wat ze wilden hebben en ik moest ook stukken schrijven in een stijl die mij niet zo aansprak. Als een bepaalde kleur niet jóuw lievelingskleur is, maar wel de kleur die door een artiest gevraagd wordt, dan moet je in staat zijn om ook iets in die kleur te maken. Op een bepaalde manier heb ik altijd geprobeerd mijn eigen kleur te houden en mijn signatuur hoorbaar te maken, maar aan de andere kant wilde ik ook altijd iedereen blij maken met muziek die bij hun kleur en smaak paste. Als je je eigen signatuur wilt houden in het circus, is dat bijna onmogelijk”.

De meeste voldoening haalde Bourque uit het schrijven van muziek voor olifantennummers. “Olifanten zijn ontzettend sierlijk, gracieus en indrukwekkend vanwege hun grootte, maar tegelijkertijd zijn het clowns, grappenmakers. Alle eigenschappen van zulke prachtige dieren probeerde ik terug te laten komen in de muziek die ik voor ze schreef”.

Ook het schrijven van muziek voor circusacts met mensen kent genoeg uitdagingen. “Mijn grootste probleem bij het schrijven voor menselijke artiesten? Ze willen altijd energierijke muziek, met een stevige groove en een beat. Maar ik ben een dromer… ik schrijf graag ballads en dromerige melodieën. De mogelijkheid om in dat genre schrijven was er niet vaak. Ik moest altijd groove”’.

Bourque schreef veel muziek voor Arlette Gruss. In de tijd dat hij voor dit Franse circus mocht componeren, reisde hij in de zomer af naar Cabris. Het maakproces daar was fascinerend. “Samen met directeur Gilbert Gruss, lichtdesigner Julien Lhomme en kostuumontwerper Roberto Rosello werkte ik aan de synopsis van de voorstelling. Er werd bepaald hoe de voorstelling eruit moest gaan zien, welke energie het geheel moest uitstralen en welke kostuums daarbij hoorden”.

Germain: “achter mijn goede vriend Sergei Iurco en op de voorgrond circusdirecteur Gilbert Gruss (Cirque Arlette Gruss) en ik, tijdens de repetities in 2003”.

In uitzondering op alle andere circussen waarvoor Bourque werkte, wilde men bij Arlette Gruss zijn composities hebben vóórdat de voorstelling werd gemaakt. De acts werden aan de muziek aangepast. Bourque bepaalde het ritme van de show: “Normaal gesproken is een bestaande act de input voor een compositie die speciaal daarvoor werd geschreven. Gilbert Gruss heeft een andere manier van werken, hij is ontzettend creatief”. Toch heeft Bourque nu het liefst een video. “Het is fijn om de persoonlijkheid en zijn of haar energie te zien, voordat de muziek voor een circusact ontstaat. Dat helpt enorm om de juiste weg te bepalen”.

Het spannendste moment is de overgang van de schrijftafel naar de lessenaars van de muzikanten. “Soms heb je een geweldig gevoel: het werkt, dit wordt geweldig! Maar soms blijkt de muziek niet te werken. Dan erger ik me en vraag mezelf af: wat zijn de muzikanten aan het doen? Heb ik een fout gemaakt?”

Bourque: “in circus Hermanos Vazquez in 2017 met Julien Lambotte, Joseph Bouglione, ik, Irina en Igor (Bingo)”.

Tour de Piste

In 2022 verscheen zijn eerste eigen cd: ‘Tour de Piste’. Hij beschouwt het als zijn muzikale nalatenschap. “Ik wilde iets tastbaars achterlaten. Kwalitatief en met oor voor detail, zodat de luisteraar niet na één keer uitgeluisterd is. Bij een tweede keer luisteren moeten andere details opvallen en heel belangrijk, het moet plezierig in het gehoor liggen”.

Naast Bourque werkten 31 solomuzikanten en veertig muzikanten van het Bratislava Symphonic Orchestra mee aan de uitvoering. Germain vertelt daarover: “De opnames met de strijkinstrumenten waren enorm opwindend! Vanuit mijn huis in Montreal gaf ik vanaf mijn computer via een groot videoscherm aanwijzingen aan de dirigent en zijn muzikanten, die in een studio in de Slowaakse hoofdstad mijn muziek aan het inspelen waren. Ik had de bladmuziek voor me en vertelde de muzikanten hoe hun spel volgens mijn visie moest klinken. Na twee sessies en vier uur vlijtige arbeid waren de opnames voor de stukken met strijkers klaar”. Het resultaat – een geweldige sound alsof je in een concertzaal met veertig muzikanten zit – was vastgelegd en klaar voor de montage.

Op de cd staat niet alleen nieuw werk. “Er zijn ook composities die ik vijftien jaar geleden heb geschreven. Ik heb ze herschreven en aangepast voor het werk in een studio, dat welgedelijk verschilt met een liveoptreden. Ik heb ook opnames verweven, die ik vijftien jaar geleden met muzikanten in mijn studio heb gemaakt en die zo goed waren, dat ik het niet kon laten ze nu te vereeuwigen. Het hele project koste me meer dan twee jaar tijd. Ik heb alles zelf geproduceerd.”

Germains favoriete compositie op de cd is ‘Pudding Song’. Het is filmisch en kent veel verschillende verhaallijnen, verteld door strijkers, vocalen en blazers. Het begint groots, gaat dan terug naar heel ingetogen en eindigt uitbundig. De start is funky, een volgend deel blijkt opeens heel poetisch te zijn en daarna hoor je invloeden van rock ‘n roll. “Het werken aan dit stuk was ontzettend plezierig. De balans in de muziek is daarbij doorslaggevend”.

Met zijn cd wil Bourque aandacht vragen voor instrumentale muziek en de interesse van de luisteraar vasthouden. “Net als in een film van Fellini, zodat je telkens opnieuw getriggerd wordt te blijven luisteren en meegnomen wordt in het verhaal dat verteld wordt. Een compositie die die werkwijze het best benaderd is ‘Rappels’, dat stuk schreef ik oorspronkelijk voor een paardenvrijheid van Circus Knie”.

Bourque besluit: “Het uitgeven van een cd bleek een lang en uitdagend proces. Tijdens de eindmontage realiseerde ik me dat ik erg diep ben gegaan. Ik heb zoveel mensen gevraagd om mee te werken en ook zoveel van mezelf gevraagd, dat ik alvast begon te dromen over een project met maar één muzikant. Dát wordt mijn volgende uitdaging; een solo-cd met Germain Bourque op piano.”

Tour de Piste bevat dertien tracks en is verkrijgbaar via deze link.

Dit artikel las je eerder eveneens in Circusmagazine De Piste.