Columns
28 augustus 2026

Zomercircus 2026 – artikel 2: column

Door 2 min leestijd • 28 augustus 2026

Er is iets met een tentdoek op een camping dat een schouwburgzaal nooit helemaal kan evenaren.

Misschien is het de geur van gemaaid gras die naar binnen waait zodra het doek even opzij gaat. Misschien is het de zweem van zonnebrandcrème die nog om iedereen hangt van de dag ervoor. Of misschien is het simpelweg dat niemand hier speciaal voor het circus is aangekleed.

Iedereen zit gewoon in wat hij die dag al aanhad, met de kinderen op schoot en een ijsje net op.

Deze zomer trok ik voor Circusweb met drie gezelschappen mee: Circus Salto, Circus Snor en Circus Harlekino. Drie circussen, drie totaal verschillende manieren om een tent op te bouwen, een publiek te trekken en een middag te laten landen.

En toch zag ik bij alle drie hetzelfde moment terugkomen: die paar seconden vlak voor het einde, waarin een volle tent geluidloos overeind komt. Niet omdat het geregisseerd is, maar omdat het niet anders kan.

Circus Snor. (Foto door: Frens te Kiefte)

Wat mij dit jaar (waarbij ik van verschillende kanten hoorde dat het ondanks het warme weer het een goede circuszomer was) vooral opviel, is hoe verschillend ‘zomercircus’ eigenlijk is.

Waar Circus Salto middenin het campingleven duikt — met wisselend publiek, wisselend weer en een programma dat zich daaraan aanpast — kiest Circus Snor bewust voor rust: landgoederen, boerenerven, plekken waar zelfs de meest verwende smartphone het aflegt tegen een zeildoek en een houten bankje. En Circus Harlekino bewijst dan weer dat een campingtour heus geen concessie aan niveau hoeft te betekenen. Wat daar dit jaar op de mat lag, mag zich meten met menige winterproductie.

Circus Harlekino. (Foto door: Frens te Kiefte)

Toch is de overeenkomst groter dan het verschil. Elk van deze gezelschappen bestaat uit een handvol mensen die iedere dag opnieuw een tent optuigen, een lichtplan uitrollen, publiek verwelkomen en zich vervolgens omkleden tot clown, acrobaat of koorddanser. Geen marmeren foyer, geen kaartjesautomaat en tóch, tijdens elke voorstelling, diezelfde belofte waarmaken: even helemaal weg zijn.

Circus Salto. (Foto door: Frens te Kiefte)

Ik denk dat dat de kern is van waarom het zomercircus mij, jaar na jaar, blijft verrassen. Het grote circus overweldigt je met schaal. Het zomercircus overtuigt je met nabijheid. Je ziet de artiest zweten. Je hoort de aankondiging net iets minder gepolijst dan in een studio-opname. En precies daardoor voelt het applaus aan het eind niet als een verplicht ritueel, maar als iets wat het publiek zelf nog even vast wil houden.

Tot in de circustent!